Uitleg over keuze en gebruik van een omvormer

Een goede omvormer voldoet aan enkele belangrijke voorwaarden:

. De omvormer heeft het juiste vermogen voor het doel, waarvoor hij wordt gebruikt, rekening houdend met het door het aangesloten apparaat gevraagde opstartvermogen.

. De omvormer is voorzien van de noodzakelijke beveiligingen: tegen overbelasting, tegen te hoge temperatuur en tegen kortsluiting (overigens kan bij kortsluiting nooit helemaal worden uitgesloten dat een omvormer defect raakt..). Bij te lage accuspanning moet de omvormer een geluidssignaal geven en daarna zichzelf uitschakelen om de accu te beschermen.

. De omvormer is voorzien van het CE- en bij voorkeur ook van het e-keurmerk. Deze e-markering is wettelijk verplicht voor gebruik in professionele voertuigen. 

. De omvormer is milieuvriendelijk geproduceerd en voldoet aan de RoHS-norm (EU milieurichtlijn, die het gebruik van milieu-onvriendelijke materialen aan banden legt)


De keuze van de juiste omvormer.

 Om de juiste omvormer te kunnen kiezen, is een aantal zaken van belang:

Allereerst moet u bepalen welke apparaten u op de omvormer wilt gaan aansluiten. Het totale opgenomen elektrisch vermogen van alle gelijktijdig aan te sluiten apparaten geeft een eerste indicatie van het benodigde omvormer-vermogen. Overweeg om hier nog een marge bij op te tellen, omdat de praktijk uitwijst dat je niet van te voren overal rekening mee kunt houden.

Een zeer belangrijke punt om in het oog te houden is het onderscheid tussen geleverd vermogen en opgenomen vermogen. Als bijvoorbeeld op een magnetron een vermogen vermeld wordt van 800W, dan wordt daarmee bedoeld het geleverde (kook-)vermogen. Maar om dit vermogen te kunnen leveren vraagt de magnetron hiervoor een vermogen van de stroombron (accu-omvormer) van ca. 1200W! Dit laatste vermogen is dus het vermogen waar u dan rekening mee moet houden. 

Veel apparaten, zoals een compressor-koelkast vragen een hoge aanloopstroom. Dit betekent, dat zij gedurende korte tijd (tot enkele seconden) na inschakeling een aanzienlijk hoger vermogen nodig hebben dan ze nominaal gebruiken. Voor bijvoorbeeld een koel- of vrieskastje van 60W moet u rekenen met een opstartvermogen van 10x dit nominale vermogen, zodat u hiervoor een omvormer nodig heeft van minimaal 600W.

 
Enige rekenvoorbeelden.


1. U wilt een koffiezetter, TV en een DVD-speler gelijktijdig kunnen laten werken. Het koffiezetapparaat heeft een opgenomen vermogen van 700W, de TV 60W en de DVD-speler 20W, samen dus 780W. Een omvormer van 1000W zou hier dus prima voldoen.

2. U wilt een waterkoker, een TV, een DVD-speler, een lader voor uw laptop en een telefoonlader aansluiten op een omvormer. Achtereenvolgens vragen deze apparaten een vermogen van 1000W, 50W, 25W, 100W en 5W, samen dus 1180W. Hier zouden we dus kiezen voor een omvormer van 1500W.

3. U wilt alleen een LCD-TV en DVD-speler kunnen gebruiken en af en toe uw telefoon opladen. In dit geval heeft u voldoende aan een 300W omvormer. 

Waar u verder nog rekening mee moet houden.
 

- Een omvormer gebruikt óók stroom, als deze niet in gebruik is. Deze 'stand-by' stroom is mede afhankelijk van het nominale vermogen van de omvormer en is wel iets om rekening mee te houden: uw accu zou kunnen worden leeg getrokken. Zorg daarom voor een omvormer, die een alarm afgeeft bij een te lage accuspanning en die zichzelf uitschakelt, wanneer er niet op het alarmsignaal wordt gereageerd (bijvoorbeeld omdat u niet aan boord bent en bent vergeten om de omvormer uit te schakelen). Alle door ons geleverde omvormers zijn uiteraard voorzien van deze beveiliging, maar hebben ook een relatief zéér lage stand-by stroom. Een aantal merken laat hier nogal flinke steken vallen, let hier dus goed op bij aanschaf!

- Een omvormer produceert warmte. Deze warmte moet worden afgevoerd en de omvormer moet dus op een redelijk geventileerde plaats geïnstalleerd worden om risico van oververhitting te voorkomen. De omvormers van VDP zijn overigens beveiligd tegen oververhitting. Als echter de beveiliging in werking treedt, wordt op dat moment de omvormer uitgeschakeld. Het is dus het beste om deze op een plaats te monteren, waar de lucht enigszins kan circuleren.

- Om een omvormer te mogen gebruiken in een professioneel voertuig dient deze te zijn voorzien van een e-keurmerk (niet te verwarren met het CE-certificaat, waar een omvormer óók van moet zijn voorzien) Dit keurmerk is verplicht voor gebruik in professionele voer- en vaartuigen en daardoor een goede maatstaf voor betrouwbaarheid bij gebruik in recreatieve voer- en vaartuigen.

- Sommige apparatuur, zoals een Senseo, kan problemen geven, wanneer deze wordt aangesloten op een gemodificeerde sinusomvormer. Wilt u deze problemen vermijden, dan moet u kiezen voor een zuivere sinusomvormer (zie het menu aan de linkerzijde), die een spanning afgeeft met een gelijke vorm als die van de netspanning thuis. Vermijdt ook het gebruik van de oplader van elektrische tandenborstels op een gemodificeerde omvormer, de spoeltjes hiervan branden snel door. De meeste apparatuur zal echter probleemloos werken op een gemodificeerde omvormer, zolang het vermogen maar toereikend is.

 

- Zorg er voor dat er nóóit 230V van buitenaf op de uitgang van de omvormer komt. Daar kan geen enkele omvormer tegen en deze raakt dan onherstelbaar beschadigd. Die mogelijkheid bestaat wanneer u paal- of walstroom aansluit op uw boordnet en niet de omvormer heeft afgekoppeld van uw boordnet. Eventueel kunt u gebruik maken van een omschakelautomaat of net-voorrangsschakelaar. Een dergelijke automaat geeft de aanwezige netspanning door en zorgt bij wegvallen hiervan dat de omvormer de levering van 230V onmiddellijk overneemt.

Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »